Boek
Nederlands

De materiële tijd

Giorgio Vasta (auteur), Marieke Van Laake (vertaler)
In 1978 besluiten in Palermo drie elfjarige jongens een terroristische cel op te richten naar het voorbeeld van de Rode Brigades.
Titel
De materiële tijd
Auteur
Giorgio Vasta
Vertaler
Marieke Van Laake
Taal
Nederlands
Oorspr. taal
Italiaans
Oorspr. titel
Il tempo materiale
Editie
1
Uitgever
Amsterdam: Wereldbibliotheek, 2011
319 p. : ill.
ISBN
9789028423480 (paperback)

Besprekingen

In maart 1978 werd de Italiaanse christendemocratische politicus Aldo Moro ontvoerd door de extreem linkse Rode Brigades, onder leiding van Mario Moretti. Heel Italië is in de ban van het terrorisme. Moro wordt uiteindelijk dood teruggevonden in de koffer van een Renault. De jonge auteur Giorgio Vasta, die zich in Italië eerder al liet opmerken als redacteur en auteur van korte verhalen, gebruikt dit historisch gegeven als achtergrond voor zijn opmerkelijke debuutroman.
In Palermo zijn drie elfjarige, hoogbegaafde jongeren gefascineerd door de taal en de acties van de Rode Brigades. Ze praten en handelen als volwassenen. ‘Elfjarige lezers van de krant, luisteraars naar het tv-journaal. Het politieke nieuws. Geconcentreerd en schurend. Kritisch, somber. Abnormale preadolescenten.’ Een van deze jongeren is de verteller van het verhaal. Hij is verliefd op ‘het creoolse meisje’, dat bij hem op school zit, maar van wie hij verder niet veel weet. De drie vrienden houden van een zuivere…Lees verder
Het jaar 1978 was voor Italië het jaar van de Rode Brigades en de moord op de christendemocratische voorman Aldo Moro. In Palermo besluiten drie elfjarige jongens een terroristische cel op te richten. Ze bestuderen eerst de Rode Brigades, hun taal, hun acties en gaan vervolgens zelf aan de slag. Ze zaaien chaos en vernieling, eerst in hun school, daarna in heel Palermo. Hun taal, hun nauwkeurigheid zijn opvallend volwassen. Bij het drietal (Nimbus, Straal en Vlucht) valt de bijna wetenschappelijke precisie op waarmee ze handelen. Maar er is een probleem: een echte vijand hebben ze niet, ze hebben geen reden om te rebelleren. De jongens leven in een normale, stabiele families. Een willekeurige jongen uit hun school wordt ontvoerd, net als Aldo Moro, in een schuilplaats opgesloten en door verstikking om het leven gebracht. Als tweede slachtoffer wordt 'het creoolse meisje' uitgekozen, net het meisje op wie Nimbus heimelijk verliefd is. De roman speelt zich af in 1978, maar zijn kracht l…Lees verder