Book
Dutch

Angélique

Erik Vlaminck (author)
In een opvanghuis voor vrouwen probeert een uitgetreden non haar traumatische ervaringen in de Belgische Congo te verwerken.
Title
Angélique
Author
Erik Vlaminck
Language
Dutch
Publisher
Amsterdam: Wereldbibliotheek, 2003
63 p.
ISBN
90-284-2008-8

Reviews

Erik Vlaminck : Angélique

We maken kennis met Angélique wanneer ze, duwend aan een winkelkarretje vol oude lorren, in de vuilnisbak van een hamburgertent een cheeseburger vindt waar maar één keer in gebeten is. ,,Voor spijs en drank, voor 't dagelijks brood, wij danken u, o Heer,'' mompelt ze onwillekeurig.

Angélique was in een vroeger leven een non die naar Belgisch Congo werd uitgestuurd, maar die na een smadelijk voorval naar haar vaderland moest terugkeren. Drieënzestig is ze intussen en volledig afhankelijk van de welzijnswerkers in het opvanghuis. Met hun zogenaamde professionaliteit en hun stompzinnigheid wekken ze alleen maar Angéliques misprijzen op.

Vlaminck schetst op aangrijpende wijze een wrang-humoristische portret van een prettig gestoorde, knorrige vrouw die haar greep op het leven verloren heeft. Tegen beter weten in schrijft ze elke dag brieven aan overleden mensen (,,Dat kost me nog veel geld ook''), kankert ze op alles en iedereen in haar omgeving en laakt ze elke vorm van modernite…Read more

Dame blanche in maderasaus

Erik Vlaminck vestigde zijn naam door een reeks romans waarin hij de gewone Vlaamse mensen aan het woord liet. 'Het gezicht van Vlaanderen' noemde zijn uitgever de zesdelige cyclus. Hij lijkt deze reeks, in 1992 begonnen met 'Quatertemperdagen', nu even opzij te schuiven voor een korter boek (en een kortere reeks?) over ongewone of marginale Vlaamse mensen. Maar wat heet ongewoon in Vlaanderen?

Voor de lezer van de gemiddelde Vlaamse literatuur zal het verhaal van 'Angélique' alvast niet ongewoon klinken. Een naïef katholiek meisje wordt non, trekt naar 'de Congo', ontdekt dat missionarissen niet echt heilig zijn en dat kolonisten niet echt het beste voorhebben met 'de negers'. Bij de opstand van 1960 wordt Angélique 17 keer verkracht: '17 is een priemgetal. Priemgetallen zijn niet te delen.' Haar oversten dwingen haar het kind af te staan. Ze krijgt het niet eens te zien. Ze treedt uit, haat wat ze vroeger aanbad, en belandt na een leven vol problemen in een opvangcentrum. Daar ontmoet ze een halfbloed, Nancy, aan de drugs, maar blijkbaar niet aan de pil, want ze is zwanger. Het meisje ziet een moeder in de ondertussen 63 jaar oude ex-non, en misschien is ze ook wel het kind dat Angélique - Elza heet ze nu - heeft moeten afstaan. Helpen doet dat allemaal niet, want Nancy springt onder de trein. Ze vreest dat ze haar kind niet mag houden, een vrees die Elza haar heeft aan…Read more

Een eik in een bloempot

Ook Erik Vlaminck leefde zich in 'Angélique', een novelle, in het smartelijke leven van een vrouw in.

Erik Vlaminck is sinds Quatertemperdagen (1992) al bezig met zijn grootschalige romanfeuilleton over het Vlaanderen van zijn grootouders langs vader- en moederszijde. Voorlopig schuift hij het finale zesde deel nog even voor zich uit. Ondertussen produceert hij haast jaarlijks een speels intermezzo, tussen de bedrijven van het grote werk in. Vorig jaar was dat
Brieven van dikke Freddy, een burleske verzameling epistels van een arme dakloze, die zich tot allerlei officiële instanties richtte met weerspannige aanmerkingen op het sociale beleid. En nu is dat Angélique, een novelle over een oude non die in een alleenspraak herinneringen ophaalt aan haar Congolese tijd.

Vlaminck is, zoals Claes, een auteur die aan mentaliteitsgeschiedenis doet. In zijn breed opgezette familieroman spit hij het Vlaamse volksleven van de voorbije eeuw uit. In zijn miniaturen zet hij marginalen, zoals dikke Freddy, of excentriekelingen, zoals deze zuster Angélique, in een ruimer tijdskader.

Read more

Met haar kloosternaam heette ze Angélique, nu draagt ze haar wereldlijke naam Elza: de hoofdfiguur uit Angélique van Erik Vlaminck is, nadat ze het klooster en de kerk adieu heeft gezegd, in een opvangtehuis terechtgekomen. Daar blikt ze terug op haar leven: hoe ze in het toenmalige Belgisch-Kongo zieltjes ging winnen, daar door de priesters-missionarissen werd misbruikt (zo werd een doodzonde een dagelijkse zonde: als je die maar genoeg beging) en bij de onafhankelijkheid in 1960 door een groep dronken soldaten werd verkracht. Ze schrijft brieven aan overleden vrienden en kennissen van haar, om zo toch nog enigszins greep te krijgen op wat haar leven definitief heeft gedesoriënteerd. In het tehuis maakt ze via de maatschappelijke werkster Hilde kennis met de toch wel geborneerde reglementering waaraan de bewoonsters worden onderworpen. Heel wat dieper gaat het contact met het zwarte heroïnehoertje Nancy, die hoogzwanger is en later zelfmoord pleegt.

Inspiratie voor het …Read more

De bitterheid van een uitgetreden non

Hildes zijn altijd maatschappelijk assistenten en Nancy's hebben altijd problemen. Het is maar één van de opmerkingen die door het hoofd van Angélique, een 63-jarige uitgetreden non, schieten terwijl ze de muren oploopt in haar kamer in het opvanghuis. Erik Vlaminck slaat met 'Angélique' twee vliegen in één klap: het is een novelle en tegelijk een theatermonoloog.

«Mijn ouders hadden een studiootje aan hun huis gebouwd, voor als mijn grootmoeder hulpbehoevend werd», vertelt Erik Vlaminck. «Toen ik een jaar of negen was woonde er een vreemde vrouw. Mijn moeder stuurde me soms met soep naar Maria, en dan zat ze vaak te wenen. Dat maakte indruk op mij als kleine jongen. Later hoorde ik dat Maria een uitgetreden non was.» Uit die kleine herinnering onspint zich het verhaal van zuster Angélique, die aan de rand van de maatschappij belandt als ze terugkomt uit Congo, verkracht en zwanger. «In archieven stuit ik vaak op Congo-histories. Nonnen die verkracht waren tijdens de onafhankelijkheidsstrijd zijn toen zwanger teruggekeerd. Zij moesten van hun oversten bevallen en hun kind afstaan», zegt Vlaminck.

Het verhaal van Angélique is tragisch, maar dat neemt niet weg dat er ook gelachen mag worden. Met de rake cynische opmerkingen van de verbitterde Angélique is een glimlach nooit ver weg. Even groeit de hoop dat er een band ontstaat tussen haa…Read more

In een opvanghuis voor vrouwen ontmoeten psychiatrisch gestoorde, door het leven getraumatiseerde mensen elkaar. Een drieënzestigjarige vrouw Angélique is hoofdpersoon. Ze is als non in de toen nog Belgische Congo werkzaam geweest tijdens bloedige burgeroorlogen daar. Als jong meisje is zij om heel merkwaardige redenen in het klooster getreden. Toen zij in het begin van de jaren zestig uittrad, was die beslissing onbegrepen en ook onaanvaardbaar voor haar ouders en haar kloosteroverste. Zij herkent stukken van haar problematiek in een meisje dat verslaafd is aan drugs en hoogzwanger. Beelden van en herinneringen aan die beklemmende tijd binnen het katholicisme van Vlaanderen en haar eigen ervaringen hebben haar de greep op het leven doen verliezen. Ook de leiding van het opvanghuis dringt niet door tot de problematiek van beide vrouwen, hoewel deze van goede wil is. Novelle over dit dramatische gegeven met snelle wisselingen van tijd en plaats. De Vlaamse schrijver (1954, zelf werkzaa…Read more