Livre
Néerlandais

Als ik groot en sterk was

Agnès Laroche (auteur), Stéphanie Augusseau (dessinateur), Siska Goeminne (traducteur)
Kleine Nico wou dat hij kon toveren. Dan kon hij als Super Nico opboksen tegen alle grote mensen en pestkoppen die hem lastigvallen. Hij zou ervoor zorgen dat Violet voor hem valt. Uiteindelijk beseft Nico dat hij Super Nico daarvoor helemaal niet nodig heeft.
Sujet supplémentaire
prentenboeken, gevoelens
Titre
Als ik groot en sterk was
Auteur
Agnès Laroche
Dessinateur
Stéphanie Augusseau
Traducteur
Siska Goeminne
Langue
Néerlandais
Langue originale
Français
Titre original
Nicodème
Éditeur
Wielsbeke: De Eenhoorn, 2012
[36] p. : ill.
ISBN
9789058387509 (hardback)

Commentaires

De sobere kaft van Als ik groot en sterk was, met zwart-wittekening en rode accenten, oogt net zo tijdloos als het verhaal zelf. Welk kind kampt nooit met die 'grote gemene wereld', waar anderen het voor het zeggen hebben en je alleen maar kan verzuchten: 'als ik later groot ben...'?
Nico's weg naar school loopt langs herkenbare hindernissen: hij wordt onder de voet gelopen door 'grotemensenbenen', moet zijn knikkers afstaan aan een gemeen jongetje, de mopperende meester onder ogen komen omdat hij zijn schrift vergeten heeft... Na een nacht van wriemelen en woelen besluit hij dat dromen van een 'Super Nico' zinloos is. Er is alleen maar hij, niet groot en niet sterk, en wat hij wil, zal hij zelf moeten waarmaken. Dat lukt verbazend vlot en eindigt in een teder moment waarop hij en een meisje van zijn klas samen staan te blozen.
Realistische potloodtekeningen in grijstinten en een klassiek opgebouwde tekst met veel herhaling schetsen dit verhaal van de kleine, gevoeli…Lire la suite

Als ik groot en sterk was

Nico is een klein ventje dat erg onzeker en verlegen is. Dat zie je aan zijn blozende wangen op de verder grijze illustraties. Door zijn kleine gestalte loopt hij verloren tussen al die 'grotemensenbenen'. Dan zou hij willen schoppen en roepen maar dat durft hij niet ... En dan wenst hij: Kon ik maar toveren. Dan zou hij 'Super Nico' zijn, groot en sterk en hij zou luid lachen en zijn tong uitsteken, naar iedereen! Bij de schoolpoort wacht pestkop Hendrik hem op en die pakt zijn knikkers af. Weer verzucht hij: Kon ik maar toveren, dan zou die Hendrik ervan lusten. Zo gaat het verder als de meester op hem moppert, als Leonie zijn tussendoortje uit zijn hand duwt. Als hij Super Nico was dan zou hij zijn woede en verdriet uitschreeuwen, zo hard dat de hele wereld het kon horen!
Maar Nico's verlegenheid speelt hem ook op andere terreinen parten. Als Violet lief voor hem is en 'Kiekeboe!' fluistert bijvoorbeeld dan is zijn stem evengoed weg en bloost hij nog heviger. Die hevige emoti…Lire la suite

À propos de Agnès Laroche

Agnès Laroche, née le 1er décembre 1965 à Paris, est une romancière française.

Elle est l’auteure (bien qu'Agnès Laroche préfère le terme "autrice") de nombreuses fictions diffusées à la radio, de romans pour la jeunesse et de récits publiés en presse enfantine. Elle a sorti son premier livre à 43 ans.

Avant de devenir autrice, Agnès Laroche a travaillé pendant 20 ans en insertion professionnelle . Depuis, elle a écrit une quarantaine d'ouvrages.

Pour inventer ses histoires, Agnès Laroche note ses idées dans de petits carnets : elle imagine d'abord son personnage principal, puis les problèmes qu'il rencontre et comment il va les résoudre. L'autrice travaille principalement chez elle, dans sa maison d'Angoulême. Elle met 15 jours à un mois pour rédiger un album, et 4 à 5 mois pour un roman.

Son plus grand plaisir est de faire en sorte que ses…En lire plus sur Wikipedia