Livre
Néerlandais

De kracht van Ajajatsoe

Marc De Bel (auteur), Jan Bosschaert (dessinateur)
Public cible:
9-11 ans et plus
Na een onplezierig verblijf in een vakantiekolonie brengt Alexander met een oom een avontuurlijk bezoek aan bevriende bergpapoea's in Irian Jaya. Vanaf ca. 11 jaar.
Sujet supplémentaire
fantasie, Nieuw-Guineaverhalen
Titre
De kracht van Ajajatsoe / Marc De Bel ; met tek. van Jan Bosschaert
Auteur
Marc De Bel
Dessinateur
Jan Bosschaert
Langue
Néerlandais
Éditeur
Leuven: Davidsfonds, 1998 | Autres éditions
300 p. : ill.
ISBN
90-6565-829-7

Commentaires

Wat meteen opvalt in de schriftuur van Marc De Bel (geb. 1954) is zijn bijzondere aandacht voor zwakkeren in de maatschappij: onvoorwaardelijk kiest de auteur partij voor het kind, het dier of de natuur. De kinderen in De Bels boeken vormen vaak het doelwit van pesterijen of doen het allesbehalve goed op school (bv. Stuffie in het gelijknamige boek of Alexander in De kracht van Ajajatsoe). In de fantastische wereld van De Bels boeken krijgen ze echter een glansrol toebedeeld. Tegenover de doortastende hoofdpersonages, die sympathie opwekken bij de lezer, plaatst De Bel de volwassenen. Zij worden opgedeeld in twee categorieën: ofwel vertegenwoordigen ze gezag en zijn ze kwaadaardig, ofwel zijn het fantasten en dromers die enig respijt krijgen. Zo wordt de naïeve maar goedaardige oom Harry in De knetterkwabmachine door de kinderen Timmy en Hanne als een held aanbeden, terwijl hun moeder spreekt over een "idioot" en een "straatkat". Ook volwassenen die handelen op het nivea…Lire la suite
Dit boek speelt tegen de voor een jeugdboek ongewone achtergrond van Irian Jaya. Het is een dik, lekker in de hand liggend boek met een spannende kaft en vormt het vervolg op 'Het ei van Oom Trotter', een boek dat voorafgaand per se gelezen moet worden, anders zal men grote delen moeilijk kunnen begrijpen. Vanuit een vakantiekolonie, waar hij getreiterd wordt, gaat Alexander (A'JaJatsoe in Papoeataal) samen met zijn oom naar Irian Jaya waar ze avonturen beleven met diverse Papoeastammen, sprekende krokodillen en ongure huurlingen die het tropisch bos kappen ten behoeve van olieboringen. De auteur verbleef zelf negen maanden op het eiland en illustreerde het boek met enkele, op cartoons lijkende, zwart-wittekeningen. Het is een onoverzichtelijk verhaal geworden met vreemde metaforen en tot vervelens toe herhaalde scheldwoorden in hoofdstukken van één à twee pagina's soms, in een plaatselijk rommelige lay-out. Sprekende krokodillen en talloze andere onwaarschijnlijkheden contrasteren st…Lire la suite

Suggestions